Belasting op de vaste panelen - Reglement - Wijziging

De Gemeenteraad,
Gelet op zijn beraadslaging van 18/11/2014 met betrekking tot het innen van en belasting op de vaste panelen, uitvoerbaar verklaard op 01/01/2015 voor en termijn die verstrijkt op 31/12/2019;
Gezien de Ordonnantie van 03.04.2014 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen inzake gemeentebalastingen ;
Gezien de Ordonnantie van 12.02.2015 wijzigend de Ordonnantie van 03.04.2014 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen inzake gemeentebalastingen ;
Gelet artikel 170 van de Grondwet ;
Gelet op artikels 117 en 118 van de nieuwe gemeentewet;
Overwegende dat het nodig is de bedragen van de belasting regelmatig aan te passen;
Op voorstel van het Schepencollege;
S T E L T   VA S T  :
Het volgende fiscaal reglement vanaf 01/01/2020 en voor een termijn die verstrijkt op 31/12/2024 :
ARTIKEL 1
Er wordt ten voordele van de gemeente een belasting die "vast paneel" word genoemd geheven op alle vaste reclame-inrichtingen die commercieel uitgebaat worden, die een publicitaire boodschap aan het publiek vertonen en die geplaatst zijn op, boven of langs de openbare weg of op een privéeigendom maar zichtbaar vanop de openbare weg.
ARTIKEL 2
Voor de toepassing van onderhavig reglement verstaat men onder:
a) reclame: ieder opschrift, vorm of beeld dat bedoeld is om het publiek te informeren of zijn aandacht te trekken, met uitzondering van de beelden, vormen en opschriften die op de informatie- en verkeersborden van de openbare weg, van plaatsen en instellingen van algemeen nut of van toeristische trekpleisters voorkomen;
b) vaste reclame-inrichting: alle steunen, ruimtes of middelen die gebruikt, opgericht, ingericht of in werking gesteld worden om reclame te ontvangen, weze dit door middel van lijmen, nieten, verankeren, bevestigen, schilderen, hangen, projecteren of ieder ander middel.
ARTIKEL 3
De belasting is hoofdelijk verschuldigd door de natuurlijke of rechtspersoon die de vaste reclame-inrichting uitbaat, door de houder van een zakelijk recht op de vaste reclame-inrichting of door de eigenaar van het gebouw dat de vaste reclame-inrichting draagt.
ARTIKEL 4
Zijn vrijgesteld van de belasting :
- vaste reclame-inrichtingen van de gemeente of organismen opgericht door of ondergeschikt aan de gemeente, vaste reclame-inrichtingen of reclame-oppervlakken uitsluitend bedoeld voor reclame van algemeen nut en voor evenementen met een liefdadig of filantropisch karakter die als zodanig erkend zijn door het College van burgemeester en schepenen, en vaste reclame-inrichtingen die uitsluitend bedoeld zijn voor reclame voor evenementen die door de gemeente georganiseerd of medegeorganiseerd worden en die als zodanig erkend zijn door het College van burgemeester en schepenen;
- vaste reclame-inrichtingen, affiches en de andere installaties opgelegd aan het publiek door een wettelijke of reglementaire bepaling voor zover dat de boodschap en zijn opmaak in de perken blijven van wat wettelijk of reglementair opgelegd is ;
- commerciële en niet-commerciële uithangborden aan de maatschappelijke zetel, de exploitatiezetel en aan de plaats waar de activiteit wordt uitgeoefend;
- de vaste steunen die uitsluitend zijn voorbehouden aan de verkiezingsaffiches.
ARTIKEL 5
De belasting wordt vastgesteld per vierkante meter per periode van 30 kalenderdagen tegen :
. 2020 : 41,80€
. 2021 : 42,70€
. 2022 : 43,55€
. 2023 : 44,50€
. 2024 : 45,50€
In geval het gaat om een vaste reclame-inrichtingen met verscheidene adverteerders zal, de belasting worden berekend op de totaliteit van het vaste reclame-inrichtingen en gedeeld door het aantal adverteerders, het verkregen resultaat  mag niet lager zijn dan :
. 2020 : 41,80€
. 2021 : 42,70€
. 2022 : 43,55€
. 2023 : 44,50€
. 2024 : 45,50€
De belastingsvoet van de belasting wordt vermenigvuldigd per drie wanneer het vaste reclame-inrichtingen drie affiches vertoont, onder de vorm van een driedimensionale installatie of wanneer het dient als steun voor een animatie.
ARTIKEL 6
De belasting is verschuldigd voor de gehele periode van 30 kalenderdagen, ongeacht de dag van plaatsing of wegneming van het vaste reclame-inrichtingen.
ARTIKEL 7
De belastingplichtige dient, minstens vierentwintig uur voor het plaatsen van een vaste reclame-inrichtingen, zoals beschreven in artikel 1 van het huidig reglement, een aangifte in te dienen waarop alle benodigde gegevens voor de belastingsheffing vermeld zijn.
ARTIKEL 8
Elke vergroting van de oppervlakte van een vaste reclame-inrichtingen dient aangegeven te worden aan de administratie binnen de vijftien dagen.
Hetzelfde geldt voor elke vermindering van de grootte van een vaste reclame-inrichtingen of de algehele wegneming ervan.
ARTIKEL 9
De belastingplichtige is verplicht de eventuele controle van zijn aangifte te vermakkelijken door het verstrekken van alle documenten en inlichtingen die hem te dien einde zouden gevraagd worden.
Bij gebrek aan aangifte zoals voorzien in artikel 7 of in geval van onjuiste, onvolledige of onduidelijke aangifte zal de belastingplichtige van ambtswege belast worden.
De ambtshalve ingekohierde belastingen worden verhoogd met een bedrag gelijk aan de verschuldigde of als verschuldigd geacht belasting.
Vooraleer wordt overgegaan tot de ambtshalve vaststelling van de belasting, stelt de gemeente de belastingplichtige in kennis dat het tot deze procedure overgaat, en dit conform de beschikkingen van artikel 7 van de ordonnantie van 03/04/2014 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen inzake gemeentebelastingen.
De belastingplichtige beschikt over 30 kalenderdagen vanaf de derde werkdag na de datum van verzending van de melding om zijn opmerkingen schriftelijk in te dienen.
ARTIKEL 10
De belasting wordt geheven via kohier.
De invordering en de geschillen worden beheerd overeenkomstig de wettelijke bepalingen ter zake.
ARTIKEL 11
Het huidige reglement heft alle voorgaande desbetreffende reglementen op.