18.11.2025 - Motie voor het behoud van een duurzaam staakt-het-vuren in Gaza, de bescherming van burgers en de eerbiediging van het internationaal recht
Overwegende dat een burgerinterpellatie werd ingeschreven op de agenda van de openbare zitting van de Gemeenteraad van 23 september 2025, waarin werd verzocht dat de Gemeenteraad een motie zou aannemen over de situatie in Gaza en zijn steun zou uitspreken voor het Palestijnse volk; dat in reactie op dit initiatief werd aangegeven dat de fractieleiders van de verschillende politieke groepen binnen de Gemeenteraad overleg zouden plegen om een motievoorstel uit te werken dat de steun van een meerderheid van de politieke groepen zou kunnen krijgen; dat deze motie beoogt gevolg te geven aan dat engagement;
Overwegende dat het illegale Israëlische beleid van kolonisatie en bezetting van het Palestijnse grondgebied sinds 1967 aan de gang is en dat dit systeem door verschillende mensenrechtenorganisaties als apartheid werd gekwalificeerd om de systematische discriminaties van de Palestijnse bevolking te beschrijven;
Overwegende dat Resolutie 242 van de Veiligheidsraad van 22 november 1967 de verwerving van grondgebied door oorlog veroordeelt, oproept tot de terugtrekking van de Israëlische strijdkrachten uit de bezette Palestijnse gebieden en de territoriale onschendbaarheid en politieke onafhankelijkheid van alle staten in de regio bevestigt;
Overwegende dat vandaag ongeveer 650.000 kolonisten illegaal gevestigd zijn op de Westelijke Jordaanoever en in Oost-Jeruzalem, en dat vele van deze kolonisten bijdragen aan de versnippering van het Palestijnse grondgebied en deelnemen aan een strategie van geweld en onderdrukking van het Palestijnse volk;
Overwegende dat sinds 2007 een blokkade van Gaza is opgelegd aan de 2 miljoen inwoners, met humanitaire, economische en sociale gevolgen die de bevolking in extreme armoede hebben gedompeld;
Overwegende dat de terreuraanslag van 7 oktober 2023 die door Hamas werd gepleegd – door de Europese Unie sinds 2003 erkend als terroristische organisatie – heeft geleid tot de dood van 1200 Israëlische slachtoffers en de gijzeling van 252 personen; dat op het moment van schrijven ongeveer 170 gijzelaars zouden zijn vrijgelaten en de lichamen van ongeveer 50 gijzelaars zouden zijn teruggegeven;
Overwegende dat het Israëlische offensief in de Gazastrook sinds 7 oktober heeft geleid tot de dood van meer dan 60.000 personen (waaronder meer dan 18.000 kinderen) en meer dan 140.000 gewonden; dat deze cijfers mogelijk onderschat zijn wegens onder meer indirecte sterfgevallen, de uiteenlopende bronnen en de lichamen die zich nog onder het puin bevinden;
Overwegende dat de cijfers in de twee voorgaande alinea’s ons eraan herinneren dat in de eerste plaats burgers het slachtoffer zijn van dit conflict;
Overwegende dat het Israëlische offensief in de Gazastrook sinds 7 oktober heeft geleid tot de dood van meer dan 200 Palestijnse journalisten en 300 humanitaire werkers;
Overwegende dat de Israëlische bombardementen in 24 maanden oorlog een grote humanitaire ramp hebben veroorzaakt, gekenmerkt door herhaaldelijke aanvallen op civiele infrastructuren (woningen, scholen, universiteiten, markten, vluchtelingenkampen, ziekenhuizen...) en door de systematische vernietiging van alle gebouwen in Gaza die zich binnen één kilometer van de grensafsluiting tussen Israël en Gaza bevinden;
Overwegende dat de totale humanitaire blokkade van Gaza door Israël heeft geleid tot hongersnood en het voortbestaan van de lokale bevolking in gevaar heeft gebracht; dat het essentieel is om duurzame humanitaire corridors te openen voor het leveren van hulp aan de burgerbevolking van Gaza;
Overwegende dat dit Israëlisch offensief in de Gazastrook door juridische experts werd geïnterpreteerd als een daad van genocide op basis van publieke verklaringen van bepaalde Israëlische verantwoordelijken zelf; dat deze kwalificatie van genocide wordt bevestigd door talrijke internationaal gerenommeerde NGO’s en door Belgische organisaties; dat dit ook blijkt uit verklaringen van Francesca Albanese, Speciaal Rapporteur van de Verenigde Naties inzake de mensenrechtensituatie in de sinds 1967 bezette Palestijnse gebieden;
Overwegende dat het Internationaal Strafhof in 2021 een onderzoek heeft geopend naar vermeende oorlogsmisdaden in het bezette Palestijnse gebied, en overwegende de groeiende oproepen om onderzoek te doen naar mogelijke misdaden tegen de menselijkheid en genocidemisdaden gepleegd door de Israëlische regering, met name de verklaring van de oprichtend procureur van het Internationaal Strafhof, Luis Moreno Ocampo, van 15 oktober 2023;
Overwegende dat het Verdrag inzake de voorkoming en bestraffing van genocide van 1948 de ondertekenende staten, waaronder België, verplicht om maatregelen te nemen ter voorkoming van oorlogsmisdaden en genocide;
Overwegende dat verschillende NGO’s en VN-experts van oordeel zijn dat de staat Israël zich schuldig maakt aan de misdaad tegen de menselijkheid van apartheid, hetgeen een juridische evaluatie door bevoegde instanties vereist;
Overwegende dat het Israëlisch-Palestijnse conflict, dat al meer dan zestig jaar voortduurt, onaanvaardbaar menselijk leed heeft veroorzaakt, langdurige regionale instabiliteit en diepe politieke blokkeringen, en dat het inmiddels algemeen wordt erkend door de internationale gemeenschap dat enkel een oplossing gebaseerd op de co-existentie van twee soevereine staten, Israël en Palestina, naast elkaar in vrede en veiligheid, een duurzame beëindiging van deze oorlog kan bieden en de weg kan openen naar een rechtvaardige, globale en definitieve vrede, in overeenstemming met het internationaal recht en de resoluties van de Verenigde Naties;
De Gemeenteraad:
- Bevestigt zijn solidariteit met het Palestijnse volk en met alle burgerlijke slachtoffers van het conflict, zowel Palestijnen als Israëli’s;
- Roept op tot volledige naleving en uitvoering van het staakt-het-vuren en het behoud ervan, tot de vrijlating van de gijzelaars en politieke gevangenen, tot de terugbezorging van de lichamen, tot de opheffing van de blokkade en tot de opening van humanitaire corridors die de hulpverlening aan de burgerbevolking van Gaza mogelijk maken;
- Erkent dat de in Gaza gepleegde daden de kenmerken vertonen van genocide zoals gedefinieerd in artikel II van het Verdrag van 1948 en dat, krachtens artikel 1 van datzelfde Verdrag, alle partijen verplicht zijn preventieve maatregelen te nemen;
- Vraagt het Internationaal Strafhof of enige andere in rechte bevoegde jurisdictie om de kwalificatie van genocidemisdrijven te onderzoeken en de daaruit voortvloeiende vervolgingen in te leiden.
En om deze redenen beslist de Gemeenteraad van Watermaal-Bosvoorde:
Op gemeentelijk niveau
- Niet samen te werken met instellingen, bedrijven of entiteiten die medeplichtig zijn aan ernstige schendingen van het internationaal recht, in het bijzonder ondernemingen die actief zijn in de kolonies, ook in het kader van overheidsopdrachten;
- De gemeente Watermaal-Bosvoorde te verklaren als geëngageerd in de verdediging van universele mensenrechten en ondernemingen uit te sluiten van haar partnerschappen die betrokken zijn bij praktijken van apartheid;
- Zijn statuut van “gastvrije gemeente” te herbevestigen, wat onder meer inhoudt dat een kwalitatieve administratieve opvang wordt verzekerd voor vreemdelingen die in de gemeente wonen en voor nieuwkomers;
- Het Comité voor Internationale Solidariteit uit te nodigen om te onderzoeken of onze gemeente kan bijdragen aan humanitaire hulpinspanningen voor Gaza;
- Deze motie op de website van de gemeente te publiceren.
Op federaal niveau
De volgende verzoeken door te geven aan de Federale Regering:
- Diplomatieke initiatieven te bevorderen voor de duurzame opheffing van de blokkade en de toegang van humanitaire hulp tot Gaza;
- Dringend alle gecoördineerde en veilige humanitaire initiatieven te ondersteunen om hulp naar Gaza te brengen, in overleg met erkende organisaties;
- Te werken aan de uitvoering en het duurzame behoud van het staakt-het-vuren, aan de vrijlating van alle Israëlische gijzelaars en Palestijnse politieke gevangenen of personen die zonder wettelijke grond worden vastgehouden;
- De herziening van de EU-Israël Associatieovereenkomst te ondersteunen en de invoer in België van producten afkomstig uit Israëlische nederzettingen te verbieden;
- Een wapenembargo tegen Israël in stand te houden;
- De Staat Palestina officieel te erkennen als voorwaarde voor een rechtvaardige en duurzame vrede, in het kader van de vreedzame co-existentie van twee staten – Israël en Palestina – in overeenstemming met het internationaal recht en de resoluties van de Verenigde Naties.
De Gemeenteraad van Watermaal-Bosvoorde beslist deze motie over te maken aan de Eerste Minister, de Minister van Buitenlandse Zaken, de Minister-President van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de voorzitters van de Kamer en de Senaat, de voorzitter van het Parlement van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de ambassades van Palestina en Israël in België, alsook aan Brulocalis.
De Raad keurt het voorstel van beraadslaging goed.
27 stemmers : 18 positieve stemmen, 9 onthoudingen.
Onthoudingen : David Leisterh, Hang Nguyen, Jean-François de Le Hoye, Charlotte Collet, Cécile Van Hecke, Gabriel Persoons, Roxane de Giey, Lionel Touwaide, Louis Wuestenberghs.